---
title: "Contrôle conjointe, Amende · Tribunal de première instance d&#x27;Anvers, 26 juin 2013"
description: "Contrôle conjointe, Amende, Fraude, Caisses enregistreuse, système de caisse enregistreuse. Tribunal de première instance d'Anvers (Belgique), 26 juin 2013."
url: "https://juriel.be/fr/jurisprudence/controle-conjointe-amende-fraude-caisses-tribunal-anvers-2013-06-26-fbc6"
lang: "fr"
---

Texte en néerlandais

# Contrôle conjointe, Amende, Fraude, Caisses enregistreuse · Taxe sur la valeur ajoutée – Contrôle conjointe- Amende - Fraude - Caisses enregistreuse

**Juridiction**

Tribunal de première instance

**Siège**

Anvers

**Date**

26 juin 2013

## Sur le document

**Collection**

Jurisprudence belge

**Langue du texte**

néerlandais

**Version française**

non publiée par le SPF

**Sens lu par le SPF**

favorable à l'État belge

Le texte de ce document est en néerlandais. Le SPF n'en publie pas de version française.

## Texte

136 paragraphes

### Fiche du SPF Finances

**Jugement du Tribunal de première Instance d'Anvers du 26.06.2013**

## (11/2427/A - 11/1564/A - 12/6659/A)

*Taxe sur la valeur ajoutée - Contrôle conjointe- Amende - Fraude - Caisses enregistreuse*

## Résumé

Le contrôle a été effectué conjointement pour les régimes des impôts directs et de la TVA. Dès lors, il n'est pas question de détournement de pouvoir interdit.

Le module « entrainement » du système de caisse est utilisé pour éviter les impôts. Des éléments de preuve factuels sont acceptées.

L'intention d'éviter les impôts (fraude avec le système de caisse) est clairement démontrée, par conséquent l'amende de 200% est parfaitement légale et suffisamment motivée. En outre, le tribunal estime que l'amende est proportionnelle aux infractions commises et à la gravité des faits.

***La décision est publiée uniquement dans la langue originale***

**Jugement du Tribunal de première Instance d'Anvers du 26.06.2013**

11/2427/A - 11/1564/A - 12/6659/A

Texte intégral

### Corps de la décision

**VONNIS** gewezen en uitgesproken in het gerechtsgebouw te Antwerpen, op zesentwintig juni tweeduizend dertien in openbare zitting van de4F kamer van de rechtbank van eerste aanleg van het gerechtelijk arrondissement Antwerpen, al waar zetelden:

**P. W.**, enig rechter,

**N. D.**, griffier.

**In zake: A.R.Nr. 11/2427/A**

**H. P. BVBA**,

ingeschreven in de kruispuntbank der ondernemingen onder nummer …, met maatschappelijke zetel gevestigd te … ,

**EISENDE PARTIJ**

\- verschijnende bij meester **G. P.**, advocaat, kantoorhoudende te …

tegen:

**DE BELGISCHE STAAT**,

Federale Overheidsdienst Financiën, Administratie van de Ondernemings- en Inkomensfiscaliteit, sector BTW, vertegenwoordigd door de Minister van Financiën, wiens burelen gevestigd zijn te Brussel, vertegenwoordigd door de Rekenplichtige van het BTW-ontvangkantoor te Mechelen, met burelen gevestigd te 2800 Mechelen, Zwartzustersvest 24 bus 32.

**VERWERENDE PARTIJ**

\- verschijnende bij mevrouw **H. V.**, in hoedanigheid van eerstaanwezend inspecteur.

**En in zake:** **A.R.Nr. 12/1564/A**

**H.P. BVBA**,

ingeschreven in de kruispuntbank der ondernemingen onder nummer…, met maatschappelijke zetel gevestigd te …,

**EISENDE PARTIJ**

\- verschijnende bij meester **G. P.**, advocaat, kantoorhoudende te…,

**tegen:**

**DE BELGISCHE STAAT**,

Federale Overheidsdienst Financiën, controlecentrum Mechelen-Lier, met kantoren gevestigd te 2800 Mechelen, Zwartzustersvest 24 bus 35.

**VERWERENDE PARTIJ**

\- verschijnende bij de heer **M. M.**, in hoedanigheid van inspecteur.

**En in zake: A.R.Nr. 12/6659/A**

**H.P. BVBA**,

ingeschreven in de kruispuntbank der ondernemingen onder nummer…, met maatschappelijke zetel gevestigd te …,

**EISENDE PARTIJ**

\- verschijnende bij meester **G. P.**, advocaat, kantoorhoudende te …,

**tegen:**

**DE BELGISCHE STAAT**,

Federale Overheidsdienst Financiën, controlecentrum Mechelen-Lier, met kantoren gevestigd te 2800 Mechelen, Zwartzustersvest 24 bus 35.

**VERWERENDE PARTIJ**

\- verschijnende bij de heer **M. M.**, in hoedanigheid van inspecteur.

\* \*

\*

Gezien de stukken in het dossier der rechtspleging, onder meer:

**In zake: A.R.Nr. 11/2427/A**

\- het verzoekschrift neergelegd ter griffie op 7 april 2011,

\- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 747 van het Gerechtelijk Wetboek op 20 april 2012,

\- de besluiten van partijen.

**In** **zake: A.R.Nr. 12/1564/A**

\- het verzoekschrift neergelegd ter griffie op 7 maart 2012,

\- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 747, §1 van het Gerechtelijk Wetboek op 30 maart 2012,

\- de besluiten van partijen.

**In** **zake: A.R.Nr. 12/6659/A**

\- het verzoekschrift neergelegd ter griffie op 9 november 2012,

\- de beschikking verleend overeenkomstig artikel 747, §2 van het Gerechtelijk Wetboek op 11 januari 2013,

\- de besluiten van partijen.

Gelet op de wet van 15 juni 1935 op het gebruik van talen in gerechtszaken.

Gelet op de verordeningen van de Raad van de ministers nummer 974/98 van 03 mei 1998 en nummer *1103/97* van 17 juni 1997 en de wetten van 26 juni 2000 en 30 juni 2000 ter invoering van de euro.

Gehoord de partijen in hun middelen en gezegden ter zitting van 12 juni 2013.

**Inzake A.R.11/2427/A**

De vordering strekt ertoe de in het dwangbevel, uitgevaardigd op 7 december 2010 en uitvoerbaar verklaard op 9 december 2010, opgenomen bijkomende heffing te vernietigen, dienvolgens dit dwangbevelonwettig en van generlei waarde te verklaren, de vordering ten bedrage van 15.499,88 EUR en de administratieve boete ten bedrage van 30.999,76 EUR te annuleren, alsmede de nalatigheidsintresten, minstens de passende ontlastingen toe te staan en verweerder te veroordelen om aan eiseres terug te betalen alle uit hoofde ten onrechte betaalde en *1* of ingehouden sommen, zoals vermeld in het dwangbevel, te verhogen met de moratoire intresten overeenkomstig artikel 91 W.BTW en de kosten van het geding, in ondergeschikte orde het dwangbevel te vernietigen in de mate dat er een administratieve geldboete wordt nagevorderd, zowel wat betreft de proportionele boete als de niet proportionele boete.

**Inzake A.R. 12/1564/A**

Gelet op de aanslag in de vennootschapsbelasting voor het aanslagjaar 2008, kohierartikel 073041, supplement aan kohierartikel 883613181, uitvoerbaar verklaard op 14 december 2010 en verzonden aan de belastingplichtige op 21 december 2010.

Gelet op het bezwaarschrift tijdig toegekomen bij de bevoegde directeur der directe belastingen.

Gelet op de bestreden beslissing van de ambtenaar gedelegeerd door de gewestelijke directeur van het controlecentrum Mechelen-Lier van 16 december 2011 en op dezelfde datum aangetekend verzonden aan de belastingplichtige, waarbij het bezwaarschrift ontvankelijk doch slechts gedeeltelijk gegrond werd verklaard.

Gelet op het verzoekschrift tijdig neergelegd ter griffie van deze rechtbank op 7 maart 2012 waarbij een afschrift van de bestreden beslissing was gevoegd.

De vordering beoogt de directorale beslissing te vernietigen, dienvolgens de bestreden aanslag te vernietigen, minstens de passende ontheffingen toe te staan en verweerder te veroordelen om aan eiseres terug te betalen alle uit hoofde van de bestreden aanslag ten onrechte betaalde sommen, te verhogen met moratoire intresten overeenkomstig artikel 418 WIB92 en de kosten van het geding, in ondergeschikte orde de aanslag geheime commissielonen te herleiden tot een lager bedrag.

**Inzake A.R. 12/6659/A**

Gelet op de aanslag in de vennootschapsbelasting voor het aanslagjaar 2009, kohierartikel 814000313, supplement aan kohierartikel 894407978, uitvoerbaar verklaard op 14 november 20 Il en verzonden aan de belastingplichtige op 22 november 2011.

Gelet op het bezwaarschrift tijdig toegekomen bij de bevoegde directeur der directe belastingen.

Gelet op de bestreden beslissing van de ambtenaar gedelegeerd door de gewestelijke directeur van het controlecentrum Mechelen-Lier van 11 september 2012 en op dezelfde datum aangetekend verzonden aan de belastingplichtige, waarbij het bezwaarschrift ontvankelijk doch slechts gedeeltelijk gegrond werd verklaard.

Gelet op het verzoekschrift tijdig neergelegd ter griffie van deze rechtbank op 9 november 2012 waarbij een afschrift van de bestreden beslissing was gevoegd. De vordering beoogt de directorale beslissing te vernietigen, dienvolgens de bestreden aanslag te vernietigen, minstens de passende ontheffingen toe te staan en verweerder te veroordelen om aan eiseres terug te betalen alle uit hoofde van de bestreden aanslag ten onrechte betaalde sommen, te verhogen met moratoire intresten overeenkomstig artikel 1418WIB92 en de kosten van het geding, in ondergeschikte orde de aanslag geheime commissielonen te herleiden tot een lager bedrag.

## Samenvoeging

Deze 3 zaken, gekend onder A.R. 11/2427/A, A.R. 12/1564/A en A.R. 12/6659/A, zijn nauw samenhangend en worden omwille van een goede rechtsbedeling samengevoegd zodat de rechtbank uitspraak doet in één vonnis.

## Beoordeling

## Betreffende de bewijsgaring (A.R. 11/2427/A)

Volgens eiseres is er sprake van een verboden machtsafwending.

Er werd een gezamenlijk onderzoek gevoerd inzake directe belastingen én BTW zodat er geen sprake is van een verboden machtsafwending.

## Betreffende de verdoken meeromzet en de willekeurigheid van de herberekende omzet (A.R. 11/2427/A*,* A.R. 12/1564/A en A.R. 12/6659/A)

Eiseres baat een supermarkt uit, waarvoor zij personeel tewerkstelt, en verkoopt een zeer ruim gamma van producten, inclusief versproducten.

Eiseres gebruikt hiervoor een kassasysteem met een normale module en een module training: de verrichtingen geregistreerd onder de module training werden niet opgenomen onder de verkopen.

Volgens eiseres wordt de module training gebruikt om kassiersters op te leiden of bij te scholen en oefenen ook personeelsleden, die niet steeds de kas doen, geregeld met de module training om hun vaardigheden ter zake te onderhouden en/of bij te schaven.

Volgens verweerder daarentegen dienen de verrichtingen in de module training te

worden beschouwd als verdoken omzet.

De hierna vermelde feiten, namelijk:

\- de vaststelling dat de module training verrichtingen registreert welke niet werden opgenomen in de boekhouding en welke niet werden aangegeven,

\- de vaststelling dat de module training meermaals per week gebruikt werd, gespreid over de ganse dag en gedurende het ganse jaar, zowel in het jaar 2007 als in het jaar 2008,

\- de vaststelling dat voor elke maand van de jaren 2007 en 2008 de module training werd gebruikt (stukken 91 en 92 van verweerder - A.R. 12/1564/A),

\- de vaststelling dat in de module training meermaals identieke producten in dezelfde verrichting werden opgenomen,

\- de vaststelling dat eiseres 3 kassa's had en dat de module training enkel werd gebruikt door kassa 1 en kassa 2,

\- de vaststelling dat de vermeldingen op het kasticket identiek waren, ongeacht of in de normale module of in module training gewerkt werd, uitgezonderd de vermelding "training", .

\- de vaststelling dat eiseres geen bijkomende cijfergegevens kon mededelen omtrent de verrichtingen in de module training,

\- de vaststelling dat een steekproef heeft aangetoond dat in februari 2008 een bedrag van 8.137,65 EUR geregistreerd werd onder de module training en in maart 2008 een bedrag van 10.588,07 EUR, zijnde respectievelijk 2,55% en 2,98% van de omzet geregistreerd in die periode onder de normale module, - de vaststelling dat aldus in februari 2008 en maart 2008 gemiddeld 2,76% geregistreerd werd onder de module training,

\- de vaststelling dat in beide modules alle producten werden ingescand, zowel verse producten, vleesproducten, nieuwe producten en producten welke al lang in omloop waren en dat er geen onderscheid werd vastgesteld,

\- de vaststelling dat de module training enkel werd gebruikt en behouden bij contante betalingen en bij betalingen met maaltijdcheques,

\- de vaststelling dat registraties via de module training, welke met bancontact of creditkaarten werden betaald, altijd in wacht werden gezet om nadien opgenomen te worden in de normale module en in de aangegeven dagontvangsten,

\- de vaststelling dat de geldlade ook bij gebruik van de module training kon worden geopend, zoals bevestigd door de fabrikant van het kassasysteem (synthesestuk 5 van verweerder - A.R. 12/1564/A) en de bevestiging van eiseres een sleutel te bezitten,

\- de vaststelling dat het registreren van het wisselgeld in beide modules op dezelfde manier gebeurde (stuk 86 van verweerder - A.R. 12/1564/A),

\- de vaststelling dat de module training veelal werd afgebroken alvorens er begonnen werd aan het inscannen voor een volgende klant wanneer die met een bankkaart of bancontact betaalde (stukken 42 tot en met 56 van verweerder - A.R. 12/1564/A),

\- de vaststelling, dat goederen eerst werden ingescand in de module training, om deze vervolgens in wacht te plaatsen en na afsluiten van de module training, deze in normale module terug in te lezen en de betaling te ontvangen, hetgeen zich in de periode van 1 februari 2008 tot en met 21 maart 2008 82 keer herhaalde, doch dat dit slechts enkel en alleen gebeurde als betaling gebeurde met bancontact,

\- de vaststelling dat geen enkele keer na voornoemde overdracht een contante betaling of betaling met maaltijdcheques volgde, terwijl in de normale module zowel contante betalingen en betalingen via bancontact of creditkaart courant gebruikt werden,

\- de vaststelling dat in de module training de kassa niet verbonden werd met de betaalterminal zodat bij betaling via elektronische weg een overdracht naar de normale module nodig was om die verbinding tot stand te kunnen brengen, zoals bevestigd door de fabrikant van het kassasysteem (synthesestuk 89 van verweerder - A.R. 12/1564/A),

\- de vaststelling dat aldus enkel overgeschakeld werd van de module training naar de normale module wanneer er een betaling gebeurde die anders technisch niet mogelijk was,

\- de vaststelling dat in de module training initieel gegevens werden ingebracht die later integraal werden overgebracht naar de normale module en vervolgens deel uitmaakten van de aangegeven dagontvangsten, - de vaststelling dat de verrichtingen in de module training werden gedaan op een kasregister, waarvan alle verrichtingen deel uitmaken van de boekhouding, terwijl de totalen van de in de module training ingebrachte cijfers niet konden worden medegedeeld door eiseres gezien de originele journaalbestanden van de computerkassa niet werden bijgehouden, hoewel deze overeenkomstig artikel 315 WIB92 dienden bewaard te worden,

\- de vaststelling dat eiseres geen gegevens kon geven omtrent wie er in de gecontroleerde periode februari - maart 2008 werd opgeleid,

\- de vaststelling dat de gegevens van de module training niet werden verwerkt door eiseres,

\- de vaststelling dat de fabrikant van het kassasysteem bevestigde' dat in de gebruikte versie de mogelijkheid bestond tot manipulatie waarbij gegevens uit de module training konden worden ingebracht in de normale module en dat om manipulatie te vermijden later de software werd aangepast (synthesestuk 4 van verweerder - A.R. 12/1564/A),

\- de vaststelling dat de door eiseres voorgelegde kassa rapporten (stukken 57, 58, 59 en 101) geen handtekening dragen van de kassier en hierop geen verschillen werden vermeid,

\- de vaststelling dat eiseres geen detail van de kassa-inhoud heeft voorgelegd, zijn vaststaande, gewichtige, bepaalde en met elkaar overeenstemmende gegevens, die op zichzelf en afzonderlijk onvoldoende zekerheid bieden, doch die elkaar aanvullen zodat deze een rechtsgeldig vermoeden uitmaken en voldoende zekerheid bieden dat

\- de verrichtingen in de module training verdoken omzet zijn en dit gedurende gans de periode van 1januari 2007 tot en met 31 december 2008,

\- 2,76% van de omzet geregistreerd onder de normale module geregistreerd werd onder de module training en dit gedurende gans de periode van 1 januari 2007 tot en met 31 december 2008,

\- in het jaar 2007 112.231,53 EUR geregistreerd werd onder de module training, zijnde 2,76% van de omzet geregistreerd onder de normale module, zijnde 4.066.359,88 EUR, zodat de verdoken omzet aldus 112.231,53 EUR bedraagt,

\- in het jaar 2008 121.043,27 EUR geregistreerd werd onder de module training, zijnde 2,76% van de omzet geregistreerd onder de normale module, zijnde 4.385.625,58 EUR, zodat de verdoken omzet aldus 121.043,27 EUR bedraagt.

Aangezien vastgesteld werd dat voor elke maand van de jaren 2007 en 2008 de module training werd gebruikt en aangezien de uitbatingsomstandigheden over de jaren 2007 en 2008 ongewijzigd bleven, is er geen sprake van dat de administratie de verdoken meeromzet willekeurig heeft berekend, te meer nu de gegevens van de module training niet werden verwerkt door eiseres en zij geen totaalbedragen kon mededelen omtrent de verrichtingen in de module training.

## Betreffende de toepassing van de afzonderlijke aanslag van artikel 219 WIB92 (A.R. 12/1564/A en A.R. 12/6659/A)

Aangezien voornoemde verdoken meeromzet voor de jaren 2007 en 2008 niet werd opgenomen in de boekhouding en niet terug te vinden is in de balans en de resultatenrekening van eiseres en aangezien deze meeromzet ook geen deel uitmaakt van een in de personenbelasting ingediende aangifte, werd overeenkomstig het toepasselijk artikel 219 WIB92 de afzonderlijke aanslag terecht en correct toegepast door de administratie.

Er wordt niet aangetoond dat de afzonderlijke aanslagen te dezen meer dan een vergoedend karakter zouden hebben voor het verlies aan belasting en sociale bijdragen zodat deze aanslagen geen strafrechtelijk karakter hebben en artikel 6 EVRM niet van toepassing is (vergelijk Cass. 10 september 2010, **T.F.R.** 2011/3*);* bijgevolg kunnen deze afzonderlijke aanslagen dan ook niet vernietigd, opgeheven of verminderd worden.

## Betreffende de schending van de beginselen van behoorlijk bestuur (AR. 11/2427/A, AR. 12/1564/A en AR. 12/6659/A)

Het misbruik van de module training werd door de administratie tijdens de controles over de inkomstenjaren 2007 en 2008 voor het eerst vastgesteld zodat er geen sprake van is dat de beginselen van behoorlijk bestuur werden geschonden.

## Betreffende de belastingyerhoging van 50% (AR. 12/1564/A en AR. 12/6659/A)

Het opzet de belastingen te ontduiken is duidelijk bewezen door het misbruik van de module training.

Bijgevolg is de belastingverhoging van 50% wettelijk, voldoende gemotiveerd en bovendien is de rechtbank van oordeel dat deze belastingverhoging in redelijke verhouding staat met de gepleegde inbreuken en met de ernst van de feiten.

## Betreffende de boete van 200% (A.R. 11/2427/A)

Het opzet de belastingen te ontduiken is duidelijk bewezen door het misbruik van de module training.

Bijgevolg is de belastingverhoging van 200% wettelijk, voldoende gemotiveerd en bovendien is de rechtbank van oordeel dat deze belastingverhoging in redelijke verhouding staat met de gepleegde inbreuken en met de ernst van de feiten.

### Dispositif

## OM DEZE REDENEN

**DE RECHTBANK,**

Rechtdoende op tegenspraak,

Alle andere en strijdige conclusies verwerpend,

Voegt de 3 zaken, gekend onder A.R. 11/2427/A*,* A.R. 12/1564/A en A.R. 12/6659/A, samen wegens samenhang en in het belang van een goede rechtsbedeling en doet uitspraak in één vonnis.

Verklaart de vorderingen toelaatbaar, doch ongegrond en wijst deze af.

Veroordeelt eiseres tot de kosten van de gedingen tot op heden door verweerder niet begroot en derhalve door de rechtbank niet vereffend.

**N.D. P.W.**
